'Als Christus ons leert met iedereen, zonder rang of stand, te delen wat ge hebt, waarom geldt deze plicht dan niet voor de Belgische burgerij tegenover de massa's armen, die hen niet onbekend zijn, integendeel: die voor hen werken? Of denken deze mensen dat het Heilige Evangelie, omdat het in het Latijn werd opgesteld, niet bestemd is voor hun Franse oren? Overigens: waarom klinkt hier de stem van een rijke altijd luider dan de stem van een arme?'

Misschien herinnert u zich ook nog de donderpreek van Jan Decleir in de prachtige film 'Daens'. Ik was zelf achttien toen ik de film zag, en op mij maakte hij een onuitwisbare indruk. Het heeft me nog verder gesterkt in mijn overtuiging als christendemocraat. Vandaag, 125 jaar nadat de echte priester Daens zijn Christene Volkspartij oprichtte, blik ik dan ook met trots terug op de 'Godfather' van de Vlaamse christendemocratie.

Laat ons even teruggaan naar het jaar 1893. De Industriële Revolutie liep op volle toeren en het liberalisme vierde hoogtij. Arme landbouwers ontvluchtten het zieltogende platteland in de hoop in de stad een inkomen te vinden. Maar daar stond hen een al even erbarmelijk leven te wachten. In de steden vonden ze mensonwaardige arbeidsregimes en een totaal gebrek aan sociale bescherming. Ze moesten werken in gevaarlijke en onhygiënische toestanden voor een schamel hongerloon. De meeste mensen konden lezen noch schrijven, want al van kleins af aan werden ze naar de fabriek gestuurd. Dit was het leven voor het fabrieksproletariaat: de mens ten dienste van de vooruitgang.

Het was in dit klimaat dat de broers Adolf en Pieter Daens hun verontwaardiging niet langer voor zichzelf wilden houden. Vanop het preekgestoelte klaagde priester Daens het onrecht in zijn stad Aalst aan. Het moest gedaan zijn met de onrechtvaardigheid, de mensonterende toestanden en de kinderarbeid. Menswaardigheid, solidariteit en rechtvaardigheid: dat was de samenleving waar hij naar streefde. Vanuit zijn christelijke overtuiging groeide zijn engagement, dat uiteindelijk zou overgaan in politieke actie. En zo werd in 1893 de Christene Volkspartij een feit.

Het programma van Daens was niet alleen sociaal bewogen, maar ook zeer Vlaamsgezind. Zowel landbouwers als arbeiders moesten beter worden beschermd. Kinderen hoorden niet thuis in de fabriek maar op de schoolbanken, waar men les moest kunnen volgen in het Nederlands. En de democratie moest er niet alleen voor de meestal Franstalige bourgeoisie zijn, maar voor elke mens.

Delen

Hoe zou priester Daens naar de samenleving van vandaag kijken?

Sindsdien is Vlaanderen enorm veranderd. Kinderarbeid is gelukkig een verre herinnering. Werknemers genieten bescherming tegen willekeur. Er is de 38-urenweek, betaalde vakantie, een uitkering voor wie zijn job verliest. Er zijn verlofstelsels, vakbonden en sociale bescherming. Je kan studeren wat en waar je wil, ongeacht het inkomen van je ouders.

In tegenstelling tot elders ter wereld wordt de ongelijkheid bij ons niet groter, zoals Ive Marx deze week aantoonde in Knack. En we klagen soms misschien over de vele regeltjes, maar wie vandaag een ongeval krijgt op het werk, is verzekerd en wordt vergoed. Net als wie kinderen krijgt of ziek wordt.

Het zijn allemaal verwezenlijkingen die we te danken hebben aan onze uitgebreide sociale bescherming en ons sterke middenveld. Het is de basis van ons Rijnlandmodel, en iets waar we al te vaak vergeten trots op te zijn. De Daens van toen zou alvast enorm tevreden zijn om al die verwezenlijkingen.

Maar is het wel genoeg, een ongelijkheid die niet groter wordt, ook al gebeurt dat elders wel? Daens zou vinden van niet, zolang we de armoede niet verder wegwerken. Wie geen werk heeft, loopt nog steeds veel risico om niet rond te komen. En belangrijke groepen in onze samenleving vinden nog altijd te moeilijk een job. Elke mens aan het werk: dat zou een mooi nieuw streefdoel zijn. De mensen die wegens omstandigheden niet (kunnen) werken, moeten we beter ondersteunen. De stevige stijging van uitkeringen zoals het leefloon en het minimumpensioen zijn belangrijke stappen, maar we zijn er nog niet.

De Daens van nu zou ook niet blind zijn voor nog een andere realiteit. Namelijk dat wij het goed hebben, maar kinderarbeid nog steeds een feit is in andere delen van de wereld. Dat mensen elders nog steeds in mensonwaardige toestanden moeten leven, werken, opgroeien en kinderen krijgen.

Dus neen, de strijd is nog niet ten einde. Niet hier en zeker niet elders. Ook dat is iets om vandaag bij stil te staan.