Het monitoringcomité, een groep topambtenaren die de begroting opvolgt, is klaar met zijn rapport over de begroting voor 2019. Gelet op de doelstellingen zou de regering volgens het rapport een inspanning van 2,6 miljard euro moeten doen. Het nominale tekort wordt geraamd op 1,26 procent van het bruto binnenlands product en het structurele tekort op 1,13 procent.

Delen

Onze wil om de tekorten en schulden van ons land te verminderen, blijft intact, terwijl we ook blijven inzetten op het creëren van jobs.

Minister van Begroting Sophie Wilmés (MR)

'De geschatte inspanning komt overeen met het geplande traject en zoals reeds in 2017 aangekondigd door de regering in haar meerjarenbegrotingen. De ramingen van het tekort op het nominale saldo komen dus globaal genomen, overeen met hetgeen verwacht werd', reageert Wilmès.

Dat het begrotingstraject bij ongewijzigd beleid verslechtert, wijt de minister aan drie zaken. Er is 'een echo-effect van 1,4 miljard euro' na de vaststelling van de autonomiefactor in 2018. Ook de taxshift, die de koopkracht van de werknemers met 1,5 miljard euro laat stijgen, blijft het begrotingstraject beïnvloeden. Tenslotte stijgen de primaire uitgaven met 1,4 miljard euro, voornamelijk als gevolg van de indexatie en de pensioenen, maar ook een verhoging van de toewijzing aan de regio's.

Het rapport van het monitoringcomité vormt de aanzet voor het begrotingsconclaaf dat de federale regering binnenkort op gang trekt. 'Onze wil om de tekorten en schulden van ons land te verminderen, blijft intact, terwijl we ook blijven inzetten op het creëren van jobs', besluit Wilmès.