'Slaap eens goed uit. Dan voel je je vast al beter.' Of: 'Verman je! Als je een beetje doorbijt, ben je er zo weer bovenop.' Dat soort advies jaagt patiënten met het chronischevermoeidheidssyndroom (CVS) geheid de gordijnen in. Al zijn de meesten inmiddels wel gewend aan de vooroordelen waar ze de hele tijd tegenaan lopen. Niet alleen bij hun familie en vrienden, maar ook bij hun baas en zelfs bij sommige controleartsen. Sommigen geloven nog altijd dat CVS tussen de oren zit of dat de patiënt in kwestie een plantrekker of een zwakkeling is. Terwijl die mensen wel degelijk ernstig ziek zijn. Ze zijn uitgeput, hebben pijn, recupereren amper van een kleine inspanning, slapen slecht en kunnen zich moeilijk concentreren. Sommigen slagen er nog min of meer in om te blijven functioneren, anderen raken letterlijk hun bed niet meer uit.
...